FAQ

Hoe hoog of hoe laag is een normale melatoninespiegel?

Deze vraag is moeilijk te beantwoorden, omdat er nog steeds geen internationaal afgesproken normaalwaarden voor melatonine zijn. Dit heeft drie redenen.

  1. Melatoninetekort wordt nog steeds niet als een erkende ziekte gezien. Dat komt doordat het niet meteen leidt tot een omschreven ziekte, zoals bloedarmoede bij ijzertekort. Iemand met een lage melatoninespiegel heeft zelfs niet per se slaapproblemen. Pas op latere leeftijd bestaat er een verband tussen een lage melatoninespiegel en slaapproblemen.
  2. De melatonineproductie daalt naarmate je ouder wordt.
  3. De hoeveelheid melatonine die iemand maakt, verschilt van persoon tot persoon. In een onderzoek bij 75 gezonde mensen, variërend in leeftijd tussen 20 en 84 jaar (Mahlberg 2006), is goed te zien hoe groot die verschillen zijn. Bij gezonde jonge mensen verschilt de hoeveelheid melatonine die ze per 24 uur aanmaken, zelfs met een factor 5.

Scatterplot melatoninespiegels

Is melatoninegebruik tijdens zwangerschap veilig?

In de bijsluiter van de meeste melatoninepreparaten staat dat je het tijdens de zwangerschap beter niet kunt gebruiken, omdat te weinig bekend is of dat wel veilig is. Deze voorzichtigheid is begrijpelijk, maar overbodig. Melatonine is een natuurlijke stof. De melatoninespiegel stijgt tijdens de zwangerschap zelfs, een teken dat melatonine tijdens de zwangerschap een belangrijke functie heeft. Deze belangrijke functie tijdens de zwangerschap is in tientallen publicaties beschreven. Inmiddels lopen er onderzoeken met melatonine bij zwangeren met hoge bloeddruk en slechte placentawerking (pre-eclampsie). Tot nu toe is er geen enkel bewijs gevonden voor schadelijke invloeden op moeder en kind bij gebruik van extra melatonine tijdens de zwangerschap.

Bron: Marseglia L, D’Angelo G, Manti S, Reiter RJ, Gitto E. Potential Utility of Melatonin in Preeclampsia, Intrauterine Fetal Growth Retardation, and Perinatal Asphyxia. Reprod Sci. 2016 Aug;23(8):970-7. doi: 10.1177/1933719115612132. Epub 2015 Nov 12

In de bijsluiter staat dat ik melatonine niet langer dan 13 weken achtereen mag gebruiken. Waarom is dat?

Deze periode is gehaald uit overzichtsartikel over de langetermijneffecten van het gebruik van Circadin®, een time release melatoninepreparaat. Dit middel is geregistreerd voor kortdurende behandeling van een primaire slaapstoornis die gekenmerkt wordt door een slechte slaapkwaliteit bij mensen van 55 jaar en ouder. Samenvattende conclusie was ondermeer dat gebruik gedurende een periode van 13 weken veilig was, geen bijwerkingen vertoonde en niet leidde tot versterkte terugkeer van de slaapproblemen na stoppen (rebound effect). Er zijn echter ook andere publicaties waarbij gebruik langer dan een jaar (tot wel 10 jaar!) veilig is gebleken.

Bronnen:
Lemoine P, Zisapel N. Prolonged-release formulation of melatonin (Circadin) for the treatment of insomnia. Expert Opin Pharmacother. 2012 Apr;13(6):895-905. doi: 10.1517/14656566.2012.667076. Epub 2012 Mar 19

Zwart TC, Smits MG, Egberts TCG, Rademaker CMA, van Geijlswijk IM. Long-Term Melatonin Therapy for Adolescents and Young Adults with Chronic Sleep Onset Insomnia and Late Melatonin Onset: Evaluation of Sleep Quality, Chronotype, and Lifestyle Factors Compared to Age-Related Randomly Selected Population Cohorts. Healthcare (Basel). 2018 Mar 2;6(1). pii: E23. doi: 10.3390/healthcare6010023 (gratis)

Volgens de huisarts werkt melatonine niet als slaapmiddel

Veel huisartsen baseren zich op de ‘Standaard slaapproblemen en slaapmiddelen’ van het Nederlands Huisartsen Genootschap van 2014. Hier staat: ‘Het voorschrijven van melatonine aan volwassenen met slapeloosheid wordt niet aangeraden, omdat het geen klinisch relevant effect heeft.’ Sindsdien is er wel wat veranderd.

Het ‘bewijs’ hiervoor komt uit drie publicaties uit 2005 en 2006, die na verschijning meteen al heftige kritiek kregen. Het gaat hier om zogeheten meta-analyses van eerder gepubliceerde dubbelblindonderzoeken. Hierbij worden, simpel gezegd, de uitkomsten van deze dubbelblindonderzoeken bij elkaar opgeteld opdat ook onderzoeken met weinig deelnemers  kunnen meetellen. Uit de publicaties komt dan een ‘gemiddelde’ van alle onderzoeken als eindresultaat.

Als we ons beperken tot het verkorten van de inslaapduur, dan is de gemiddelde verkorting van de inslaapduur bij Brzezinski (2005) gemiddeld 4,0 minuten (spreiding 5,4-2,5 minuten), bij Buscemi (2005) gemiddeld 11,7 minuten (18,2-5,2 minuten) en bij Buscemi (2006) gemiddeld 13,2 minuten (27,3-0,9 minuten). Dit resultaat lijkt inderdaad niet groot, maar bij Buscemi (11,7 en 13,2 minuten kortere inslaaptijd) toch voldoende om te spreken van een redelijk effect. Als je echter kijkt naar de studies die ze hebben gebruikt voor deze meta-analyses, vallen enkele zaken op.

Bij Buscemi (2005) zijn van de zes studies (van totaal veertien) die het zwaarste meetellen in de analyse van het effect van melatonine op de inslaaplatentie, er vijf die eigenlijk ten onrechte in de meta-analyse zijn opgenomen, bijvoorbeeld omdat de deelnemers doorslaapproblemen hadden in plaats van inslaapproblemen. Logisch dat deze deelnemers de slechtste score hadden op de inslaaplatentie.
Bij Brzezinski (2005) zijn publicaties opgenomen van onderzoek met melatonine bij mensen die helemaal geen slaapprobleem hadden. Ook waren publicaties meegenomen waarbij melatonine overdag gegeven werd om het effect op in slaap vallen te meten, of moesten de deelnemers de nacht in een slaaplaboratorium doorbrengen.
Bij Brzezinski (2006) zijn onderzoeken opgenomen van mensen met diverse ziekten (dementie, depressie, schizofrenie) en mensen met een verstandelijke beperking. Resultaten hiervan zijn niet zomaar te gebruiken bij het beoordelen van de werkzaamheid van melatonine bij de ‘normale’ bevolking.

Een ander groot bezwaar is dat bij dit soort onderzoeken melatonine aan iedereen volgens een vast protocol werd gegeven en dat er tussen de verschillende onderzoeken bij deze meta-analyses enorme verschillen bestonden:

  • de dosis varieerde tussen 1 en 6 mg;
  • in het ene onderzoek werd ‘gewone’ fast release melatonine gebruikt en in het andere werd slow release melatonine gegeven;
  • de tijdstippen van inname waren per onderzoek vooraf vastgesteld, maar wisselden sterk tussen de diverse publicaties die gebruikt werden (van 2 uur voor naar bed gaan tot bij het in bed stappen);
  • de duur van gebruik van melatonine vertoonde grote verschillen tussen de diverse onderzoeken die gebruikt werden (van 1 week tot 12 maanden);
  • de helft van de onderzoeken volgden een zogeheten cross-overprotocol (eerst placebo, daarna melatonine of eerst melatonine en daarna placebo). Omdat de verbetering van de slaap na stoppen met melatonine nog dagenlang kan aanhouden zal de helft van de deelnemers (die eerst melatonine en daarna placebo kregen) tijdens placebo ogenschijnlijk beter slapen.

Door uitkomsten van onderzoeken die onderling zoveel verschillen vertonen bij elkaar op te tellen, is het in feite niet mogelijk conclusies te trekken over de werkzaamheid van een stof als melatonine. Daarbij komt dat mensen die onderling verschillen aan een en hetzelfde protocol moesten voldoen. Dan bestaat dus een grote kans dat een aantal mensen een voor hen verkeerde dosis kreeg en dat ze die op een voor hen verkeerd moment moesten innemen. Het positieve effect op de slaap zal dus groter zijn dan de 11,7 en 13,2 minuten kortere inslaaptijd uit de meta-analyses wanneer melatonine op de juiste manier gebruikt wordt.
Behandelen van slaapproblemen is maatwerk, waarbij aan de hand van de kenmerken van het individuele slaapprobleem en de gewenste verbetering van de slaap (tijdstippen naar bed gaan en ’s morgens opstaan) een behandelplan wordt opgesteld. Gebruik van melatonine kan daar onderdeel van zijn, maar denk eerst ook aan slaaphygiëneadviezen.

Een recente meta-analyse (Auld 2017) concludeert: ‘Results from the meta-analyses showed the most convincing evidence for exogenous melatonin use was in reducing sleep onset latency in primary insomnia, delayed sleep phase syndrome and regulating the sleep-wake patterns in blind patients compared with placebo.’ (Vertaald: ‘Resultaten van de meta-analyses toonden aan dat het meest overtuigende bewijs voor het gebruik van exogeen melatonine lag in het effect op het verkorten van de inslaaptijd bij primaire slapeloosheid, het vertraagde slaapfasesyndroom en het reguleren van de slaap-waakpatronen bij blinde patiënten in vergelijking met placebo.’)

Kortom, ontkennen dat melatonine een slaapmiddel is, is onjuist en wordt niet door feiten ondersteund. Er zijn tientallen publicaties waarin het gunstige effect van melatonine op slaap wel degelijk is aangetoond.

Bronnen:
Auld F, Maschauer EL, Morrison I, Skene DJ, Riha RL. ‘Evidence for the efficacy of melatonin in the treatment of primary adult sleep disorders’. Sleep Med Rev. 2017 Aug;34:10-22. doi: 10.1016/j.smrv.2016.06.005. Epub 2016 Jul 20
Brzezinski A, Vangel MG, Wurtman RJ, Norrie G, Zhdanova I, Ben-Shushan A, Ford I. ‘Effects of exogenous melatonin on sleep: a meta-analysis’. Sleep Med Rev. 2005 Feb;9(1):41-50
Buscemi N, Vandermeer B, Hooton N, Pandya R, Tjosvold L, Hartling L, Baker G, Klassen TP, Vohra S. ‘The efficacy and safety of exogenous melatonin for primary sleep disorders’. A meta-analysis. J Gen Intern Med. 2005 Dec;20(12):1151-8
Buscemi N, Vandermeer B, Hooton N, Pandya R, Tjosvold L, Hartling L, Vohra S, Klassen TP, Baker G. ‘Efficacy and safety of exogenous melatonin for secondary sleep disorders and sleep disorders accompanying sleep restriction: meta-analysis’. BMJ. 2006 Feb 18;332(7538):385-93. Epub 2006 Feb 10.
Standaard slaapproblemen en slaapmiddelen Nederlands Huisartsen Genootschap 2014.

Als ik mijn melatonine wil meten, hoelang moet ik dan geen melatonine ingenomen hebben?

Bij een meting van de melatoninespiegel wordt alle in het speeksel aanwezige melatonine gemeten. Melatonine die je inneemt is namelijk precies hetzelfde als melatonine die je zelf maakt. Gebruik van melatonine maakt het daarom onmogelijk om te meten hoeveel melatonine iemand zelf aanmaakt. Vandaar dat in het algemeen geadviseerd wordt om enige tijd te stoppen voor de meting. Tenzij het uiteraard  de bedoeling is om te meten of iemand melatonine goed kan afbreken of dat er tijdens melatoninegebruik opstapeling van melatonine is ontstaan.

Als je wilt meten of er sprake is van stapeling van melatonine (= meting overdag), stop dan NIET met het slikken van melatonine.
Als je wilt weten of je zelf voldoende melatonine aanmaakt (= meting ’s nachts), stop dan 2 weken voor de meting met het slikken van melatonine.