De eerste zeven nachten na de bevalling extra veel melatonine in moedermelk

De melatonineconcentratie in borstvoeding volgt hetzelfde 24-uursritme als in de moeder. De eerste dagen na de bevalling bevat moedermelk zelfs een extra hoeveelheid melatonine. Artsen van de afdeling Neonatologie van de Universiteit van Shanghai onderzochten het melatoninegehalte van borstvoeding bij 98 vrouwen die daar net waren bevallen. Daarbij werd de melatoninespiegel in borstvoeding van de eerste paar dagen na de bevalling vergeleken met de hoeveelheid melatonine in borstvoeding vier weken later. De hoeveelheid melatonine bleek de eerste week de helft hoger te zijn dan vier weken later. Die hogere concentratie melatonine in moedermelk is erg belangrijk omdat melatonine het hersenweefsel van de pasgeborene beschermt tegen schade door zuurstoftekort tijdens de geboorte. Eventuele schade kan zo sneller ‘genezen’. Zeker de eerste week na de geboorte is het geven van borstvoeding dus erg belangrijk.

Melatonine wordt gemaakt tijdens de avond en nacht. De aanmaak stopt zodra het licht wordt. De foetus in de baarmoeder merkt niets van de afwisseling van licht en donker. Hij kan zelf geen melatonine aanmaken, maar krijgt gelukkig het melatonineritme van de moeder mee via de navelstreng. Pas drie maanden na de geboorte is de baby in staat zelf melatonine aan te maken. Tot die tijd is het kind dus geheel afhankelijk van melatonine in de moedermelk. Daarom is het geven van borstvoeding gedurende die eerste drie levensmaanden zo belangrijk. Moedermelk bevat namelijk in de loop van de avond en ’s nachts melatonine. Moeders die kolven moeten daar rekening mee houden. Je moet ’s avonds en ’s nachts gekolfde moedermelk niet overdag geven. Zo voorkom je dat het normale 24-uursritme van je baby ontregeld raakt. Ook is het belangrijk dat je zo weinig mogelijk licht aandoet als je ’s nachts je kindt voedt. Want anders rem je de aanmaak van melatonine.

Bij baby’s die tijdens de bevalling ernstig zuurstofgebrek oplopen, ontstaan in de weken na de bevalling vaak hersenbeschadigingen. Deze kunnen later leiden tot ontwikkelingsachterstand en motorische problemen (cerebrale parese).
Op dit moment doet de afdeling Neonatologie van de George Washington Universiteit daarom onderzoek met het geven van extra melatonine aan baby’s die tijdens de geboorte duidelijk zuurstoftekort (asfyxie) hebben gehad. Bij controle na zes maanden bleken van de veertien baby’s in de melatoninegroep er tien (71%) zich normaal te ontwikkelen. Van de elf pasgeborenen met zuurstoftekort die de standaardbehandeling kregen, bleken slechts drie (27%) zich normaal te ontwikkelen.

Bronnen
Qin Y, Shi W, Zhuang J, et al. Variations in melatonin levels in preterm and term human breast milk during the first month after delivery. Sci Rep. 2019;9(1):17984. Published 2019 Nov 29. doi:10.1038/s41598-019-54530-2

McKenna H, Reiss IKM. The case for a chronobiological approach to neonatal care. Early Hum Dev. 2018 Sep 8. pii: S0378-3782(18)30550-4. doi: 10.1016/j.earlhumdev.2018.08.012

Aly H, Elmahdy H, El-Dib M, Rowisha M, Awny M, El-Gohary T, Elbatch M, Hamisa M, El-Mashad AR. Melatonin use for neuroprotection in perinatal asphyxia: a randomized controlled pilot study. J Perinatol. 2015 Mar;35(3):186-91. doi: 10.1038/jp.2014.186

Melatonine in moedermelk vermindert kans op autisme

Baby’s die geen borstvoeding hebben gekregen blijken later veel vaker autisme te ontwikkelen dan baby’s die wel met moedermelk werden gevoed. Dit blijkt uit een recent gepubliceerde studie van Ghozy en collega’s. Hierin werden in dertien studies kinderen met autisme met elkaar vergeleken.

Dat borstvoeding bescherming biedt tegen het ontwikkelen van autisme werd al langer vermoed. In 1988 en 1989 werden hierover al twee kleine studies gepubliceerd. Kinderen met autisme bleken daarin vaker geen borstvoeding te hebben gekregen dan kinderen zonder autisme. Het aantal kinderen dat werd onderzocht was te klein om stevige conclusies te kunnen trekken. Na 2006 werden nog eens elf studies gepubliceerd met ongeveer dezelfde uitkomst.

Door deze publicaties samen in een zogeheten meta-analyse bij elkaar op te tellen kregen Ghozy en collega’s veel beter zicht op de relatie tussen autisme en het al of niet borstvoeding krijgen. Ook konden ze onderscheid maken tussen kinderen die als baby ten minste drie of zes maanden volledige borstvoeding kregen en kinderen die al snel bijvoeding kregen. Bij kinderen die korter dan drie maanden borstvoeding kregen en al snel werden bijgevoed, verminderde het risico op autisme met ruim de helft (58%) ten opzichte van baby’s die het zonder borstvoeding moesten doen. Bij kinderen die ten minste zes maanden volledige borstvoeding kregen nam het risico op krijgen van autisme zelfs met driekwart (76%) af!

De verklaring voor de beschermende rol van borstvoeding is niet eenvoudig te geven. Aangenomen wordt dat autisme zijn oorzaak vindt in genetische aanleg, gecombineerd met invloeden van buitenaf (zoals schadelijke stoffen, straling of tekorten aan bepaalde stoffen). Moedermelk heeft een veelzijdiger samenstelling dan flesvoeding, met name als het gaat om langeketenvetzuren, antistoffen, groeifactoren en antioxidanten.

De meta-analyse van Ghozy en collega’s gaat niet verder in op de antioxidanten in moedermelk. Met name wordt verzuimd te melden dat moedermelk melatonine bevat en dat dit in flesvoeding ontbreekt. Melatonine is niet alleen van belang voor een normaal slaap-waakritme, maar ook voor de ontwikkeling van de hersenen. Een pasgeboren baby is nog niet in staat melatonine aan te maken. Na de geboorte duurt het tussen negen en vijftien weken tot de eigen melatonineproductie op gang komt. Tot die tijd is een baby dus geheel afhankelijk van melatonine die hij via de moedermelk binnenkrijgt. Omdat de eerste maanden na de geboorte van vitaal belang zijn voor de ontwikkeling van de hersenen, kan het ontbreken van melatonine door het niet krijgen van borstvoeding bijdragen aan de ontwikkeling van autisme.

Bronnen
Ghozy S, Tran L, Naveed S, Quynh TTH, Helmy Zayan A, Waqas A, Sayed AKH, Karimzadeh S, Hirayama K, Huy NT. Association of breastfeeding status with risk of autism spectrum disorder: A systematic review, dose-response analysis and meta-analysis. Asian J Psychiatr. 2019 Dec 27;48:101916. doi: 10.1016/j.ajp.2019.101916. [Epub ahead of print]

Manohar H, Pravallika M, Kandasamy P, Chandrasekaran V, Rajkumar RP. Role of Exclusive Breastfeeding in Conferring Protection in Children At-Risk for Autism Spectrum Disorder: Results from a Sibling Case-control Study. J Neurosci Rural Pract. 2018 Jan-Mar;9(1):132-136. doi: 10.4103/jnrp.jnrp_331_17.