Melatonine eerste keus slaapmiddel voor mensen met autisme

Vorige week verscheen de richtlijn van de American Academy of Neurology. Die noemt melatonine als eerste keus als slaapmiddel voor kinderen en volwassenen met autisme, als slaaphygiënemaatregelen niet of niet genoeg helpen.

Meer dan de helft (tussen 44 en 83 procent) van de kinderen met een autisme spectrum stoornis (ASS) heeft slaapproblemen die het dagelijks functioneren negatief beïnvloeden. Eigenlijk elk type slaapprobleem kan voorkomen, met name problemen met in slaap vallen, ’s nachts wakker worden en uit bed komen, ’s morgens te vroeg wakker worden en niet opnieuw in slaap vallen. Ook een onregelmatig slaap-waakritme en slaperigheid overdag door een duidelijk tekort aan totale slaapduur komen vaak voor. Dat slaapproblemen bij mensen met ASS vaak voorkomen kan wellicht worden verklaard doordat stoornissen in het melatonineritme bij hen vaker voorkomen. Ook zijn kinderen met ASS zich minder bewust van tijd en sociale aanwijzingen dat het bedtijd is.

Slaapproblemen komen overigens niet alleen bij kinderen met ASS voor. Een kwart van alle (vooral jonge) kinderen heeft slaapproblemen. Maar deze nemen met het ouder worden doorgaans af. Bij kinderen met ASS is dat doorgaans niet het geval.

Onvoldoende slaap heeft een nadelige invloed op de ontwikkeling en het leervermogen van kinderen met ASS. Ook hebben kinderen met ASS overdag vaker problemen met het reguleren van hun emoties en gedrag met driftbuien als gevolg.

Slaapproblemen bij kinderen met ASS hebben negatieve invloed op de slaap van hun ouders en dus op hun functioneren overdag. Het sociale leven van de volwassenen wordt beperkt en leidt soms tot relatieproblemen bijvoorbeeld omdat de ouderes het niet eens zijn over de aanpak van het slaapprobleem van hun kind. 

Bij de behandeling van slaapproblemen bij kinderen met ASS staan slaaphygiëneadviezen bovenaan: regelmaat in dag- en nachtritme (slapen, eten, enz), geen dutjes in de vier uur vóór bedtijd en een vast bedtijdritueel van maximaal dertig minuten. Stoeien en wilde spelletjes zijn dan taboe, net als mobieltjes en andere beeldschermen.

Bij kinderen met een (ontwikkelings)leeftijd van vijf jaar en jonger kan een gedragsmatige aanpak soelaas bieden. Dit vereist veel geduld en kan eigenlijk alleen uitgevoerd worden met ondersteuning van een slaapoefentherapeut (slaapcoach). Als er behalve van ASS sprake is van een ontwikkelingsachterstand kan een gedragstherapeut of orthopedagoog goede diensten bewijzen.

1. Graduated  extinction (geleidelijk aan afstand nemen) Kinderen die alleen in aanwezigheid van een van de ouders in slaap kunnen vallen, hebben ook ’s nachts een ouder nodig om weer in slaap te vallen als ze wakker zijn geworden. Doe je dat niet, dan zullen die kinderen net zolang uit bed komen of gillen tot je toegeeft.

2. Bedtime fading (opschuiven van de bedtijd) Als je het kind veel later naar bed brengt dan gebruikelijk kun je ervoor zorgen dat het kind extra slaperig is. Als dit lukt, kun je de bedtijd heel geleidelijk naar een eerder tijdstip verplaatsen.

Bij kinderen met een ontwikkelingsleeftijd boven vijf jaar kan cognitieve gedragstherapie worden toegepast. Ook hiervoor kun je bij een slaapoefentherapeut terecht.

Als slaaphygiënemaatregelen niet of niet genoeg helpen noemt de richtlijn van de American Academy of Neurology melatonine eerste keus als slaapmiddel bij kinderen en volwassenen met autisme. Het advies is om 30-60 minuten voor het naar bed gaan een lage dosis melatonine te geven (1-3 mg). Helaas wordt niet gewaarschuwd dat iemand met ASS wellicht melatonine te traag afbreekt. Dit is namelijk bij ongeveer een kwart van de mensen met ASS het geval. Door de trage afbraak kan het zijn dat de ingenomen dosis melatonine de volgende avond niet volledig is afgebroken. Daardoor kan er na enkele weken ook overdag sprake zijn van een hoge melatoninespiegel. Dit ontregelt het slaap-waakritme en helpt melatonine steeds slechter. Dit begint met ’s nachts vaker wakker worden. Of sprake is van een (beginnende) melatoninestapeling kan worden vastgesteld door tijdens de behandeling met melatonine overdag (tussen 12.00 en 14.00 uur) de melatoninespiegel te meten. Deze test kun je via deze website aanvragen.

Bron
Williams Buckley A, Hirtz D, Oskoui M, et al. Practice guideline: Treatment for insomnia and disrupted sleep behavior in children and adolescents with autism spectrum disorder: Report of the Guideline Development, Dissemination, and Implementation Subcommittee of the American Academy of Neurology [published online ahead of print, 2020 Feb 12]. Neurology. 2020;10.1212/WNL.0000000000009033. doi:10.1212/WNL.0000000000009033

ADHD door sociale jetlag

Als je tot ’s avonds laat gebruikmaakt van sociale media en te laat in slaap valt, verstoort dat je bioritme en kan dat overdag ADHD veroorzaken. Dit blijkt uit onderzoek van Niall McGowan en collega’s van de Universiteit van Ierland. Zij onderzochten bij 188 gezonde studenten de invloed van te laat en op onregelmatige tijden naar bed gaan en in slaap vallen op alertheid en prestaties overdag. Hierbij bleek dat naarmate iemand een onregelmatiger slaappatroon heeft, zijn prestaties overdag afnamen.

De biologische klok in ons lichaam geeft via het melatonineritme aan wanneer het tijd is om te gaan slapen en wanneer je wakker wordt. Tijdens de slaap voltrekken zich andere stofwisselingsprocessen en treedt herstel op van overdag aangerichte schade. Naarmate je minder gehoor geeft aan dit ritme, door ’s avonds te laat naar bed te gaan of te lang bezig te zijn op sociale media, ontregelt dat je biologische klok. Dit leidt weer tot slaapproblemen waardoor het steeds moeilijker wordt om ’s avonds op tijd naar bed te gaan en ’s morgens op tijd op te staan.
Er ontstaat daardoor als het ware een vicieuze cirkel van steeds slechter slapen en een steeds grotere verstoring van het bioritme. Overdag leidt dit ertoe dat je minder uitgerust bent en slechter presteert. Deze ontregeling van het bioritme heet ‘sociale jetlag’. Aanvankelijk werd dit begrip vooral gebruikt voor stoornissen in het bioritme die worden veroorzaakt door verschillen in slaappatroon tussen werkdagen (te korte slaapduur doordat de wekker vroeg afgaat) en weekend (te laat naar bed en te lang uitslapen). Dit geldt ook voor kinderen die op schooldagen te laat gaan slapen doordat ze te lang bezig zijn met sociale media. Door het blauwe licht van het beeldscherm van mobieltjes en tablets wordt ’s avonds het tijdstip waarop de melatonineaanmaak begint naar een later tijdstip verschoven. Als de wekker afgaat is de melatonineaanmaak nog lang niet begonnen aan de daling. Als je in het weekend probeert je slaaptekort in te halen door lang uit te slapen worden de verschillen tussen het slaappatroon op schooldagen en vrije dagen zo groot dat het bioritme verder verstoord raakt en tot een sociale jetlag leidt.

Niall McGowan en collega’s van de Universiteit van Ierland onderzochten het probleem van de ‘sociale jetlag’ bij 188 gezonde studenten. Allereerst onderzochten zij het bioritme (chronotype) van de studenten, om onderscheid te kunnen maken tussen studenten met een ‘vroeg’ bioritme (vroeg naar bed en vroeg wakker: ‘ochtendmensen’), studenten met een ‘laat’ bioritme (laat naar bed en ’s morgens laat wakker: ‘avondmensen’) en studenten met een ritme dat er tussenin lag (‘normaal slaap-waakritme’). Op basis van de verschillen tussen slaap op werkdagen en vrije dagen, kon worden uitgerekend hoe groot de sociale jetlag was. Ook moesten de studenten vragenlijsten invullen waarmee ze kwaliteit van hun slaap moesten beoordelen. Voor de prestaties overdag werd een veelheid van tests gebruikt die allerlei onderdelen van prestaties en gedrag aangeven (neurocognitieve tests).

Uit dit onderzoek bleek dat naarmate iemand een onregelmatiger slaappatroon heeft, de prestaties overdag afnamen. De mate van alertheid en het vermogen om de juiste beslissingen te nemen verminderden. Impulsiviteit en de neiging tot het nemen van riskante beslissingen groeiden juist. Naarmate de hoeveelheid slaap afnam en de sociale jetlag toenam, ontstonden steeds meer kenmerken van ADHD. De vraag is daarom of er bij kinderen bij wie de diagnose ADHD wordt gesteld, eigenlijk sprake is van de gevolgen van sociale jetlag. In plaats van het voorschrijven van Ritalin, Concerta of methylfenidaat is het beter om eerst naar het slaap-waakritme te kijken.

Veel kinderen met de diagnose ADHD hebben slaapproblemen. Het is dan de vraag of de slaapproblemen veroorzaakt worden door ADHD, of dat de ADHD-kenmerken veroorzaakt worden door onvoldoende slaap. Daar komt bij dat medicijnen die bij ADHD worden voorgeschreven ook kunnen leiden tot slaapproblemen. Vaak zijn oorzaak en gevolg niet goed van elkaar te onderscheiden.

Bron
McGowan NM, Uzoni A, Faltraco F, Thome J, Coogan AN. The impact of social jetlag and chronotype on attention, inhibition and decision making in healthy adults (published online ahead of print, 2020 Jan 14). Sleep Res. 2020;e12974. doi:10.1111/jsr.12974